Woordproblemen Werkblad
Aanbevolen voor 1e graad — 6e leerjaar
Woordproblemen Werkblad
Naam: ____________________Datum: ____________
Instructies: Woordproblemen in één en twee stappen lezen en oplossen in alle vier de bewerkingen.
20 problemen
- Er zijn 29 koekjes. 21 worden weggenomen. Hoeveel koekjes zijn er nog over?
- Er zijn 41 koekjes. 11 worden weggenomen. Hoeveel koekjes zijn er nog over?
- 70 koekjes wordt gelijkelijk verdeeld onder 7 studenten. Hoeveel koekjes krijgt elke leerling?
- Elke doos bevat 5 potloden. Hoeveel potloden zitten er in 10 dozen?
- 27 potloden liggen op tafel. Er worden nog 26 toegevoegd. Hoeveel potloden zijn er in totaal?
- 48 stickers wordt gelijkelijk verdeeld onder 6 studenten. Hoeveel stickers krijgt elke leerling?
- 6 stickers liggen op tafel. Er worden nog 13 toegevoegd. Hoeveel stickers zijn er in totaal?
- Elke doos bevat 9 koekjes. Hoeveel koekjes zitten er in 4 dozen?
- Elke doos bevat 3 koekjes. Hoeveel koekjes zitten er in 12 dozen?
- Elke doos bevat 7 stickers. Hoeveel stickers zitten er in 8 dozen?
- 24 stickers wordt gelijkelijk verdeeld onder 4 studenten. Hoeveel stickers krijgt elke leerling?
- 28 koekjes liggen op tafel. Er worden nog 32 toegevoegd. Hoeveel koekjes zijn er in totaal?
- 54 knikkers wordt gelijkelijk verdeeld onder 6 studenten. Hoeveel knikkers krijgt elke leerling?
- 23 appels liggen op tafel. Er worden nog 20 toegevoegd. Hoeveel appels zijn er in totaal?
- 12 knikkers wordt gelijkelijk verdeeld onder 4 studenten. Hoeveel knikkers krijgt elke leerling?
- 19 potloden liggen op tafel. Er worden nog 13 toegevoegd. Hoeveel potloden zijn er in totaal?
- Er zijn 16 stickers. 16 worden weggenomen. Hoeveel stickers zijn er nog over?
- Elke doos bevat 3 knikkers. Hoeveel knikkers zitten er in 8 dozen?
- Er zijn 19 koekjes. 15 worden weggenomen. Hoeveel koekjes zijn er nog over?
- 16 stickers liggen op tafel. Er worden nog 28 toegevoegd. Hoeveel stickers zijn er in totaal?