Woordproblemen Werkblad
Aanbevolen voor 1e graad — 6e leerjaar
Woordproblemen Werkblad
Naam: ____________________Datum: ____________
Instructies: Woordproblemen in één en twee stappen lezen en oplossen in alle vier de bewerkingen.
20 problemen
- 54 potloden wordt gelijkelijk verdeeld onder 9 studenten. Hoeveel potloden krijgt elke leerling?
- 33 stickers liggen op tafel. Er worden nog 14 toegevoegd. Hoeveel stickers zijn er in totaal?
- 9 koekjes wordt gelijkelijk verdeeld onder 3 studenten. Hoeveel koekjes krijgt elke leerling?
- 60 stickers wordt gelijkelijk verdeeld onder 5 studenten. Hoeveel stickers krijgt elke leerling?
- Elke doos bevat 4 koekjes. Hoeveel koekjes zitten er in 5 dozen?
- Er zijn 23 knikkers. 14 worden weggenomen. Hoeveel knikkers zijn er nog over?
- 66 potloden wordt gelijkelijk verdeeld onder 6 studenten. Hoeveel potloden krijgt elke leerling?
- 5 potloden liggen op tafel. Er worden nog 29 toegevoegd. Hoeveel potloden zijn er in totaal?
- Er zijn 33 potloden. 29 worden weggenomen. Hoeveel potloden zijn er nog over?
- 12 potloden liggen op tafel. Er worden nog 10 toegevoegd. Hoeveel potloden zijn er in totaal?
- Elke doos bevat 7 potloden. Hoeveel potloden zitten er in 11 dozen?
- Elke doos bevat 2 stickers. Hoeveel stickers zitten er in 2 dozen?
- 33 stickers liggen op tafel. Er worden nog 8 toegevoegd. Hoeveel stickers zijn er in totaal?
- 27 stickers wordt gelijkelijk verdeeld onder 3 studenten. Hoeveel stickers krijgt elke leerling?
- 13 stickers liggen op tafel. Er worden nog 12 toegevoegd. Hoeveel stickers zijn er in totaal?
- Er zijn 41 stickers. 31 worden weggenomen. Hoeveel stickers zijn er nog over?
- 21 appels liggen op tafel. Er worden nog 4 toegevoegd. Hoeveel appels zijn er in totaal?
- Er zijn 31 koekjes. 28 worden weggenomen. Hoeveel koekjes zijn er nog over?
- Er zijn 27 knikkers. 25 worden weggenomen. Hoeveel knikkers zijn er nog over?
- Er zijn 32 appels. 20 worden weggenomen. Hoeveel appels zijn er nog over?