Geld Werkblad
Naam: ____________________Datum: ____________
Instructies: Munten en biljetten tellen, wisselgeld wisselen en geldwoordproblemen oplossen.
20 problemen
- $3.6 + $2.4 = ______
- $18 + $6.7 = ______
- Een sticker kost $9. Hoeveel kosten 8 sticker?
- $9.1 + $17.6 = ______
- Een gom kost $7. Hoeveel kosten 2 gom?
- $17.5 + $6.6 = ______
- $14 + $2.9 = ______
- Een koekje kost $11. Hoeveel kosten 9 koekje?
- Een sap doos kost $10. Hoeveel kosten 6 sap doos?
- Een notitieboekje kost $4. Hoeveel kosten 9 notitieboekje?
- Een sap doos kost $12. Hoeveel kosten 6 sap doos?
- Een notitieboekje kost $14. Hoeveel kosten 9 notitieboekje?
- $2.5 + $12.3 = ______
- Een koekje kost $12. Hoeveel kosten 2 koekje?
- Een potlood kost $7. Hoeveel kosten 8 potlood?
- Een sticker kost $9. Hoeveel kosten 7 sticker?
- $17.4 + $16.5 = ______
- Een notitieboekje kost $7. Hoeveel kosten 2 notitieboekje?
- $5.6 + $4.7 = ______
- Een koekje kost $9. Hoeveel kosten 4 koekje?