Geld Werkblad
Naam: ____________________Datum: ____________
Instructies: Munten en biljetten tellen, wisselgeld wisselen en geldwoordproblemen oplossen.
20 problemen
- Een sticker kost $15. Hoeveel kosten 6 sticker?
- $6.6 + $2.4 = ______
- Een koekje kost $9. Hoeveel kosten 5 koekje?
- Een notitieboekje kost $7. Hoeveel kosten 4 notitieboekje?
- Een koekje kost $10. Hoeveel kosten 8 koekje?
- Een sap doos kost $7. Hoeveel kosten 3 sap doos?
- $15.5 + $7.4 = ______
- Een notitieboekje kost $4. Hoeveel kosten 8 notitieboekje?
- Een gom kost $7. Hoeveel kosten 3 gom?
- $15.3 + $3.1 = ______
- Een sap doos kost $3. Hoeveel kosten 7 sap doos?
- $15.1 + $15.1 = ______
- $20.1 + $13 = ______
- Een potlood kost $5. Hoeveel kosten 6 potlood?
- $7.4 + $10.1 = ______
- Een gom kost $2. Hoeveel kosten 8 gom?
- Een koekje kost $4. Hoeveel kosten 5 koekje?
- Een koekje kost $13. Hoeveel kosten 7 koekje?
- $7.4 + $9.5 = ______
- Een koekje kost $8. Hoeveel kosten 9 koekje?