Geld Werkblad
Naam: ____________________Datum: ____________
Instructies: Munten en biljetten tellen, wisselgeld wisselen en geldwoordproblemen oplossen.
20 problemen
- $20 + $17 = ______
- Een gom kost $5. Hoeveel kosten 6 gom?
- $5.1 + $8 = ______
- Een koekje kost $15. Hoeveel kosten 2 koekje?
- $8 + $16.2 = ______
- $18.4 + $6.6 = ______
- $8.1 + $15.9 = ______
- $12.8 + $17.5 = ______
- Een gom kost $3. Hoeveel kosten 2 gom?
- $20.4 + $18.8 = ______
- $9 + $18.8 = ______
- $3.9 + $19.8 = ______
- Een potlood kost $13. Hoeveel kosten 4 potlood?
- Een gom kost $3. Hoeveel kosten 7 gom?
- Een sticker kost $2. Hoeveel kosten 8 sticker?
- Een sticker kost $5. Hoeveel kosten 5 sticker?
- Een notitieboekje kost $13. Hoeveel kosten 8 notitieboekje?
- Een gom kost $2. Hoeveel kosten 5 gom?
- Een koekje kost $12. Hoeveel kosten 7 koekje?
- Een sticker kost $2. Hoeveel kosten 6 sticker?