Geld Werkblad
Naam: ____________________Datum: ____________
Instructies: Munten en biljetten tellen, wisselgeld wisselen en geldwoordproblemen oplossen.
20 problemen
- $3.5 + $5.4 = ______
- Een koekje kost $3. Hoeveel kosten 9 koekje?
- Een gom kost $10. Hoeveel kosten 3 gom?
- $20.4 + $2.4 = ______
- Een potlood kost $3. Hoeveel kosten 3 potlood?
- $15.4 + $1.5 = ______
- Een sap doos kost $15. Hoeveel kosten 5 sap doos?
- $20.9 + $5.5 = ______
- Een koekje kost $8. Hoeveel kosten 2 koekje?
- Een notitieboekje kost $9. Hoeveel kosten 5 notitieboekje?
- $15.2 + $19.5 = ______
- Een koekje kost $14. Hoeveel kosten 2 koekje?
- $7.3 + $4.2 = ______
- Een notitieboekje kost $3. Hoeveel kosten 5 notitieboekje?
- $4.9 + $10.9 = ______
- Een notitieboekje kost $14. Hoeveel kosten 6 notitieboekje?
- Een potlood kost $7. Hoeveel kosten 7 potlood?
- Een sticker kost $15. Hoeveel kosten 4 sticker?
- $16.5 + $12.6 = ______
- Een notitieboekje kost $12. Hoeveel kosten 5 notitieboekje?