Geld Werkblad
Naam: ____________________Datum: ____________
Instructies: Munten en biljetten tellen, wisselgeld wisselen en geldwoordproblemen oplossen.
20 problemen
- $18.2 + $1.8 = ______
- Een sticker kost $4. Hoeveel kosten 4 sticker?
- $4.7 + $11.2 = ______
- $3.5 + $10.2 = ______
- Een gom kost $2. Hoeveel kosten 7 gom?
- Een koekje kost $6. Hoeveel kosten 5 koekje?
- Een gom kost $7. Hoeveel kosten 7 gom?
- $1.9 + $17.5 = ______
- $9.1 + $18.2 = ______
- Een sap doos kost $10. Hoeveel kosten 3 sap doos?
- $16.9 + $5.3 = ______
- Een koekje kost $14. Hoeveel kosten 5 koekje?
- $13.1 + $2 = ______
- Een sticker kost $14. Hoeveel kosten 3 sticker?
- Een notitieboekje kost $2. Hoeveel kosten 2 notitieboekje?
- Een gom kost $13. Hoeveel kosten 9 gom?
- $11.8 + $3.4 = ______
- Een koekje kost $15. Hoeveel kosten 8 koekje?
- $12.8 + $1.6 = ______
- Een sticker kost $13. Hoeveel kosten 8 sticker?