Geld Werkblad

Aanbevolen voor 1e graad — 4e leerjaar

Nieuw werkblad

Geld Werkblad

Naam: ____________________Datum: ____________

Instructies: Munten en biljetten tellen, wisselgeld wisselen en geldwoordproblemen oplossen.

20 problemen

  1. Een gom kost $13. Hoeveel kosten 3 gom?
  2. $5.2 + $15.3 = ______
  3. $14.8 + $20.5 = ______
  4. Een koekje kost $9. Hoeveel kosten 2 koekje?
  5. Een koekje kost $8. Hoeveel kosten 8 koekje?
  6. $1.9 + $9.4 = ______
  7. Een koekje kost $11. Hoeveel kosten 5 koekje?
  8. $14 + $9.1 = ______
  9. Een sap doos kost $2. Hoeveel kosten 6 sap doos?
  10. $14.9 + $16.8 = ______
  11. Een sap doos kost $12. Hoeveel kosten 5 sap doos?
  12. $4.2 + $2.9 = ______
  13. Een koekje kost $12. Hoeveel kosten 3 koekje?
  14. $20.3 + $1.5 = ______
  15. $12.4 + $8.4 = ______
  16. Een potlood kost $6. Hoeveel kosten 8 potlood?
  17. Een sticker kost $9. Hoeveel kosten 2 sticker?
  18. Een sticker kost $5. Hoeveel kosten 3 sticker?
  19. Een gom kost $5. Hoeveel kosten 5 gom?
  20. Een gom kost $15. Hoeveel kosten 9 gom?