Geld Werkblad
Naam: ____________________Datum: ____________
Instructies: Munten en biljetten tellen, wisselgeld wisselen en geldwoordproblemen oplossen.
20 problemen
- $13.1 + $13 = ______
- Een potlood kost $9. Hoeveel kosten 6 potlood?
- $2.4 + $3 = ______
- Een sticker kost $12. Hoeveel kosten 6 sticker?
- Een gom kost $4. Hoeveel kosten 7 gom?
- Een koekje kost $11. Hoeveel kosten 3 koekje?
- Een gom kost $15. Hoeveel kosten 4 gom?
- $13.7 + $20.6 = ______
- Een notitieboekje kost $9. Hoeveel kosten 2 notitieboekje?
- Een koekje kost $12. Hoeveel kosten 4 koekje?
- $4 + $14.6 = ______
- Een koekje kost $8. Hoeveel kosten 5 koekje?
- Een notitieboekje kost $5. Hoeveel kosten 5 notitieboekje?
- $2.1 + $12.5 = ______
- Een notitieboekje kost $4. Hoeveel kosten 4 notitieboekje?
- $8.7 + $6.4 = ______
- $4.1 + $13 = ______
- $15.2 + $1.3 = ______
- $18.9 + $19.4 = ______
- Een sticker kost $2. Hoeveel kosten 9 sticker?